Rotzooi
Naast mijn huis is een verzamelplek voor kliko’s. Daar brengt mijn
straat eens in de 14 dagen het vullis heen, dat door Circulus, het bedrijf dat
alle rotzooi van de stad verzameld, keurig wordt opgehaald. Opgeruimd staat
netjes. Thank you, no problem. Natuurlijk sleep ik mijn rotzooi ook naar buiten.
Deze week hadden we weinig vuilnis, omdat we vorige week een weekje weg waren.
Mijn kliko was tot net iets over de helft gevuld. Klep dicht. Alles o.k. We
schrijven woensdagochtend, 08.30 uur.
Nu is het helaas de slechte
gewoonte dat een paar mensen uit mijn buurtje hun teveel aan troep gemakshalve
maar even in de afvalcontainer van de buren droppen, volgens het aloude principe
weg is weg, heb ik er tenminste geen last meer van. Aan zo’n onverlaat die
zijn rommel het liefst bij de ander dumpt, is mijn kliko ten prooi gevallen. Die
vond ik vanavond bij thuiskomst tot ver over de rand gevuld terug op de stoep.
Klep wagenwijd open, volgestouwd met allerlei rommel waaronder een grote plastic
verfemmer, twee houten sinaasappelkistjes en een kapot deurtje van een heel oud
keukenkastje. Kliko’s met open klep worden niet geleegd. Stond er op een
waarschuwingssticker, die de vuilnisman op de klep had geplakt. Tijd: even na
middernacht van woensdag op donderdag. 00.17 uur.
Rond mijn kliko
ligt op dat moment ook nog een karrenvracht aan overige rotzooi, die men bij
ruimtegebrek gemakshalve maar rechtstreeks op straat heeft gedonderd. Zwerfvuil
noemen ze dat. Mijn hondjes snuffelen daar graag in, op zoek naar lekkere
dingetjes, waar ze snel van overgeven. Die rotzooi ruim ik meestal maar zelf op,
omdat niemand anders dat doet. Een ouderwetse straatveger kan rondom mijn huis
wonderen doen.
Donderdag, even na tien uur ’s ochtends. 10.03
uur om precies te zijn. Met mijn boosheid meld ik me op hoge poten bij het
meldpunt Openbare Ruimte van de gemeente. “Hoe moet ik hier mee omgaan?
Hoe los ik dit op? Waar laat ik de rotzooi, die niet van mij is? Wat doe ik met
de troep, die her en der over de stoep verspreid ligt? Komt er nog een
vuilniswagen? Kunt u mij doorverbinden met de wijkmanager? Heeft u misschien een
klachtenformulier?” De antwoorden van de mevrouw aan de telefoon klinken
niet overtuigend. “Ach meneer, het komt allemaal goed. Ik geef uw melding
door aan de vuilophaaldienst. Die komen alles opruimen. Heus waar. Daar kunt van
op aan.”
Donderdag: 16.17 uur. De mevrouw uit de vorige alinea
had ik beter niet aan de lijn kunnen krijgen. Ik begrijp nu waarom er nog steeds
niks gebeurd. Haar collega komt met een totaal ander verhaal uit de kliko.
“Helaas meneer, uw klacht staat niet in het systeem. Ik zie nergens een
melding. Heeft u wel een zaaknummer gekregen? Niet? Oh, nou dat is reuze jammer,
want dan gebeurt er ook niks “ vertelt ze opgewekt. Dat zaaknummer heeft u
bovendien nodig om überhaupt met de wijkmanager te kunnen spreken. U moet
overigens wel zelf even de reinigingsdienst bellen om uw kliko alsnog te laten
legen. Dan kunnen wij niet voor u doen. En ja, dat zwerfvuil is natuurlijk reuze
vervelend, kunt u dat niet in uw eigen container gooien?” “Nee, dat
gaat niet want de klep staat open” piep ik een beetje timide en toch ook
wat aangeslagen.”Dan gaat het hele verhaal weer van voren af aan beginnen.
Heeft u voor mij het nummer van de vuilophaaldienst?” Dat heeft ze bij de
hand. Ik krijg nu ook een heus zaaknummer: MOR068409. Als er niks gebeurt, kan
ik altijd aan dit nummer refereren. Wat er dan gebeurt, wordt niet echt
duidelijk.
Het is inmiddels donderdag 16.30 uur geworden. Snel bellen
met de vuilophaal. “Ja hoor, meneer Van Mierlo, morgen komen we bij
u langs. Zeker weten. Maakt u zich geen zorgen” aldus de dame van
Circulus, zonnig als een zonnige zomerdag, die van de ochtend tot de avond is
voorzien aangename temperaturen. “Denk er wel om dat u de klep goed
gesloten houdt, anders rijdt de chauffeur door. Regels zijn regels. Moet u weer
opnieuw bellen”.
Zucht.
Nog steeds dezelfde
donderdag, 17.00 – 18.30 uur. Verhaaltje geschreven, getiteld rotzooi. Het
wordt tijd voor de epiloog. Eerst even wat eten. Vanaf klokslag 20.00 uur ga ik
bij mijn kliko waken tot de vuilniswagen komt. Ik ga ook om het kwartier
controleren of de klep wel pot- en popdicht zit en vooral pot- en potdicht
blijft. Ik ga heel goed opletten of er ergens in de verte al een vuilniswagen
aan de horizon verschijnt. En natuurlijk houd ik arglistig in de gaten of ik
iemand zie lopen, die met een stinkende zak of een overvolle doos over straat
sjouwt.
