mijn vrouw doet ook wat leuks

Duits

Ik ben op dit eiland een vreemdeling. Dat kun je van de Duitsers hier niet zeggen. Mallorca verduitst in ijltempo. De Bratwurst en het Sauerkraut rukken op. Duitse vliegtuigen vliegen ´s zomers in file aan: Uit Hamburg. Uit Bremen. Uit Frankfurt. Uit Berlijn. Vele tientallen vluchten dag en nacht. Er zijn Duitse kranten op Mallorca. Duitse makelaars maken recordomzetten. Er is een Duits radiostation. En er gaan steeds meer stemmen op voor een stevige Duitse vinger in de lokale politiek. En de Mallorcien ? Die zwijgt. Maar onderhuids rommelt en broeit het. Als je zegt dat je uit Holland komt, wordt men gelijk een stuk vriendelijker.

De Duitsers zijn er sinds 40-45. Op het ´neutrale´ Mallorca kon je de oorlog even vergeten. Bier drinken met Engelsen en Amerikanen. Soms zelfs een praatje maken met een verdwaalde Nederlander. Een paar mijl buitengaats schoot je elkaar gewoon weer af. Even goede vrienden. In die tijd werd Mallorca ´entdeckt´. En dus bleef men ook na de oorlog komen. Eerst met tienduizenden. Toen met honderdduizenden. Nu met miljoenen.

Mallorca betaalt, zoals veel eilanden, helaas de tol van zijn eigen geschiedenis. Een historie, waarin steeds een andere cultuur of een ander volk de dienst uitmaakt. Nu zijn het de Duitsers, overigens met de Engelsen als goede tweede. Ver daarvoor waren het Romeinen. Toen kwamen de Moren. Vervolgens piraten. En tenslotte Christenen. Een lange aaneenschakeling van uitbuiting en gedwongen dienstbaarheid.

Ooit was de Mallorcien een slingeraar, die zijn kinderen leerde schieten door het eten in de boom te hangen. Wie misschoot, ging met honger slapen. Toen moest de eerste Romein hier nog voet aan wal zetten.

Het zou mij niet verbazen als er binnenkort stenen door ruiten vliegen.

naar de bovenkant