Triste
Het is afgeladen vol en tegelijk angstvallig stil in het café. Dat is vreemd voor een gewone zaterdagmiddag. De start van het weekend wordt door mijn dorpsgenoten normaal gesproken nogal uitbundig gevierd. Met lekker eten. Lekker drinken. Veel lachen. Veel plezier.
Dit is geen zaterdag als alle andere. Dit is een zaterdag waarbij Magere Hein ook aan tafel is geschoven. Dat doet schrikken. De man van de tabakzaak schuin aan de overkant. Gisteravond. Hartaanval. Geen redden aan. Zijn naam is te lezen op ieders lip.
Bij zijn winkel staan nu vijf plastic stoelen. Geleend van het terras. Die stoelen staan daar voor de condoleance. Condoleren doet men hier op straat. Iedereen mag het weten. Iedereen weet het.
Ook wij gaan langs. Hoe moeilijk dat ook is. Want in een andere dan je moers taal vind je natuurlijk nooit de juiste woorden. Gelukkig hoeft dat ook niet. Het verdriet stroomt over straat.
Zes uur is de begrafenis. Nog geen etmaal na het overlijden. Het is hier heet. Zoiets moet hier sneller dan in koude landen. Nog een verschil: Begraven doet de familie zelf. Men breekt de grafkelder open. Men legt het lijk er in. Men metselt het graf weer dicht. Zo gaat dat hier al eeuwen. Niks geen begrafenisondernemer. ´s Avonds is het huis van de overledene gesloten als een vesting.
Als we ´s zondags langs het sterfhuis lopen, staan alle deuren en luiken wagenwijd open. Er wordt gedweild. Er wordt gestofzuigd. Er worden schilderijen afgenomen. Er worden muren geschilderd. Men jaagt de dood het huis uit. Ook dat zijn ze hier zo gewend. Zelfs het beddengoed van de overledene wordt door een familielid afgevoerd.
Op maandagavond is de Uitvaartmis in een bomvolle, snikhete kerk. Dit is de eigenlijke finale van het leven, ook al ben je in dit land dan al begraven. De rouwende familie zit op de voorste banken. Links de vrouwen, zittend. Rechts de mannen, staand. Neven en nichtjes zitten bij elkaar in een zijbeuk van de kerk. Er is muziek. Er zijn warme woorden. Er is troost.
Er wordt opnieuw gecondoleerd. Nog eenmaal betuigt men zijn deelneming. Door langs te lopen. Meestal zonder iets te zeggen. Een knikje in het voorbijgaan. Een enkeling geeft een hand. Vanuit de kerk gaan de meeste aanwezigen direct huiswaarts.
Op dinsdagochtend herneemt de loop der dingen zijn normale loop. Vanaf 8 uur kunnen we weer shag kopen. Net als altijd.
